V

Verzuimeconoom

logo upiva

logo verzuimeconoom

Wat is nieuw op gebied van verzuim in 2020?

KENNISCENTRUM

introductie illustratie

No-risk (voor Wet verbetering poortwachter en ziektewet)

Hoe zit het nu precies met de no-risk, op basis waarvan bestaat er recht en welk loon krijgt de werkgever gecompenseerd. Vaak komen we achteraf er achter dat een werknemer recht heeft op een no-risk polis. Dit dient dan ingediend te worden middels het formulier Ziektewet-uitkering aanvragen. Vaak krijgt de werkgever dan een boete i.v.m. een te late melding. Echter bij langdurig verzuim van de (ex) werknemer kan het financieel aantrekkelijk zijn dit toch in te dienen.

Wat ontvangt de werkgever?

Er zijn 2 mogelijkheden, werkgever heeft:

  • 1Loondoorbetalingsplicht

    Werknemer blijft tijdens ziekte in dienst bij de werkgever. De werkgever mag de loondoorbetalingsplicht bij het UWV claimen op grond van artikel 29b ZW. In geval van zwangerschap (artikel 29a ZW) of ziekte tgv orgaandonatie (claimt de werkgever de gehele verzuimperiode 100%).
    De werkgever is verantwoordelijk voor de re-integratie.

  • 2Geen loondoorbetalingsplicht

    Werknemer is of gaat uit dienst tijdens ziekte. Dit geldt bijvoorbeeld door de zieke uitzendkracht, die uit dienst gaat i.v.m. ziekte. In artikel 29b ZW wordt voor deze groep alleen gesproken over 70% uitkering. Vanuit de cao is een uitzendbureau echter verplicht aan te vullen tot 90 of 91% (NBBU of ABU). Deze aanvulling dient het uitzendbureau dus zelf te betalen. Het UWV betaalt dus alleen 70% van het dagloon.
    Het UWV is verantwoordelijk voor de re-integratie.

De ZW-uitkeringen mogen niet ten laste van de werkgever worden gerekend. Ook eventuele instroom in de WGA mag niet toegerekend worden aan de (ex) werkgever.

Schade woon-werkverkeer, wie draait hiervoor op?

Er bestaat vanuit de werkrelatie een zorgplicht die bij de werkgever ligt. Dit is beschreven in artikel 7:658 BW. In lid 1 staat de verplichting dat de werkgever ervoor moet zorgen dat lokalen, werktuigen en gereedschappen waarin of waarmee wordt gewerkt, zo in te richten en te onderhouden dat de werknemer in de uitvoering van zijn werk geen schade ondervindt. Ook moet de werkgever nodige maatregelen treffen en aanwijzingen geven, voor zover dit redelijkerwijs noodzakelijk zijn.

Dat zijn mooie woorden, maar wat houdt dit nu precies in voor het woon-werkverkeer? In het algemeen kun je stellen dat een werkgever niet verantwoordelijk is voor schade van een werknemer door een ongeval in het woon-werkverkeer, dit is namelijk niet de arbeidsplaats.

Is het vervoer echter in het kader van de werkzaamheden, dan kan het anders uitpakken. Onder bepaalde omstandigheden kan de werkgever dan wel aansprakelijk gesteld worden. Als je een aantal voorbeelden wilt lezen waarin de werkgever aansprakelijk gesteld wordt, bekijk dan de volgende link naar de site van Arbo-online.nl.

Wet vergoeding affectieschade

Door de Wet vergoeding affectieschade kan een werkgever extra schadeclaims krijgen na een bedrijfsongeval. De Wet vergoeding affectieschade is op 1 januari 2019 in werking getreden. Naasten van een slachtoffer van een ongeval, medische fout of misdrijf kunnen nu een vergoeding eisen van degene die aansprakelijk is voor het ongeluk.
Het kan bijvoorbeeld gaan om een bedrijfsongeval. Als één van de werknemers een ongeluk krijgt doordat de werkgever niet heeft gezorgd voor veilige werkomstandigheden, kun hij aansprakelijk worden gesteld en moet hij een vergoeding betalen aan deze persoon of zijn naasten.

Een werknemer die door een bedrijfsongeval ernstig letsel oploopt, kon volgens de wet al een schadevergoeding eisen van zijn werkgever. De Wet vergoeding affectieschade biedt nu ook een recht op smartengeld voor de partner, ouders, kinderen en de personen met wie het slachtoffer aantoonbaar een nauwe zorgrelatie had.

Om miljoenenclaims te voorkomen, zijn de bedragen die geëist mogen worden gestandaardiseerd. De vergoeding die je moet betalen verschilt per situatie en bedraagt tussen de 12.500 en 20.000 euro per naaste.
Bekijk een overzicht van de bedragen per situatie.

WAO en loonsanctie

Als een werknemer een WAO-uitkering ontvangt en gedeeltelijk werkt, kan het uiteraard voorkomen dat deze werknemer uitvalt. De werkgever dient de werknemer 104 weken het loon door te betalen en dus ook te begeleiden conform WvP.

In tegenstelling tot de WIA, kan er geen loonsanctie opgelegd worden aan de werkgever. Dit is algemeen bekend, alleen waar staat dit nu precies omschreven.

De WAO-uitkering wordt gewijzigd conform de artikelen 38 + 39c WAO. In deze artikelen wordt niet gesproken over het aanleveren van het re-integratieverslag en wordt de verlenging van de wachttijd niet genoemd in tegenstelling tot de artikelen 34 + 34a WAO, dit zijn de artikelen voor een eerste (initiële) aanvraag. Hierdoor kan het UWV dus nooit een loonsanctie opleggen.

Plannen Wajong

We hebben de Wajong 1998, die van 2010 en van 2015…… Om het eenvoudiger te maken heeft staatssecretaris Van Ark enkele plannen gepubliceerd.
Het belangrijkste onderdeel van het voorstel van Van Ark is dat de Wajonger nog maar met één vorm van inkomstenverrekening te maken heeft. Het uitgangspunt bij die inkomstenverrekening moet zijn dat werken lonend is. De Wajong moet wat dat betreft op de WIA gaan lijken; van elke verdiende euro moet de uitkeringsgerechtigde er dertig cent wijzer van worden.
Tot zover klinkt het begrijpelijk, maar dan komt de loondispensatie om de hoek kijken. Om ook Wajongers die werken met loondispensatie de mogelijkheid te bieden hun totaalinkomen naar het wettelijk minimumloon toe te laten groeien bij voltijdswerken, wordt een compensatiefactor geïntroduceerd. Hiermee wordt het totale inkomen onafhankelijk van de loonwaarde van een Wajonger. Met de compensatiefactor erbij wordt de formule voor de berekening van inkomensondersteuning in de Wajong als volgt:
(0,7 x minimumloon) – (0,7 x (loonwaarde – 0,3) / (0,7 x loonwaarde) x Inkomen)

Er zijn (met name van uit het UWV) twijfels over de plannen. De voorgestelde regels voor het berekenen van de uitkering zullen de onzekerheid over de hoogte van het inkomen bij Wajongers die willen gaan werken niet wegnemen. De drempel die Wajongers hierdoor ervaren zal met de voorgestelde regels blijven bestaan en deze maatregel zal daarom niet effectief zijn aldus het UWV.

Van Ark heeft de kritiek tot zich genomen en zorgt ervoor dat de uitkeringsformule wordt versimpeld voor Wajongers die werken zonder loondispensatie, zij hebben de compensatiefactor immers niet nodig. Voor de overige werkende Wajongers (meer dan 40 procent) verwacht de staatssecretaris veel van goede voorlichting en een rekentool die ontwikkeld gaat worden.

Het kabinet wil de fiscale regeling voor de aftrek van scholingsuitgaven vervangen door een publiek leer- en ontwikkelbudget waarvoor iedereen een aanvraag kan doen. Dit blijkt uit een brief van de ministers Koolmees (Sociale Zaken en Werkgelegenheid) en Van Engelshoven (Onderwijs, Cultuur en Wetenschap) aan de Tweede Kamer.

Bent u benieuwd wat De Verzuimeconoom voor u kan betekenen?

Laat u vrijblijvend informeren door hun specialisten!

GESPREK AANVRAGEN

STAP-budget

Het nieuwe leerbudget gaat STAP-budget (STimulans ArbeidsmarktPositie) heten en moet mensen de financiële mogelijkheid geven om stappen te zetten in hun ontwikkeling om duurzaam inzetbaar te blijven en vitaal de pensioenleeftijd te halen.

Leven Lang Ontwikkelen

Het STAP-budget is onderdeel van de aanpak Leven Lang Ontwikkelen (LLO). De gedachte hierachter is dat mensen moeten kunnen beschikken over middelen die naar eigen inzicht kunnen worden besteed aan opleiding en ontwikkeling, gericht op het duurzaam inzetbaar blijven op de arbeidsmarkt.

Totaal budget van € 200 miljoen

De nieuwe regeling voor het STAP-budget moet nog nader worden uitgewerkt. Wel is al bekend dat het totale budget € 200 miljoen bedraagt en dat het bedrag per persoon ongeveer € 1000 tot € 2000 zal zijn.

Iedereen kan een aanvraag doen

In principe kan iedereen een aanvraag doen, want de regeling geldt voor zowel werkenden als niet-werkenden en het is bovendien niet nodig om over een startkwalificatie te beschikken. Wordt de aanvraag gehonoreerd, dan wordt het uit te keren bedrag uitbetaald aan de organisatie die de scholingsactiviteiten organiseert.

Studiekosten tot en met 2020 aftrekbaar

Met de invoering van het nieuwe budget verdwijnt de fiscale regeling voor de aftrek van scholingsuitgaven. Omdat de invoering van de nieuwe regeling echter nu al vertraging oploopt, zullen studiekosten in elk geval tot en met 2020 nog aftrekbaar zijn.

Update Wet arbeidsmarkt in balans (WAB ) per 1-1-2020

De WAB bevat een reeks samenhangende maatregelen die in verschillende categorieën zijn onder te verdelen, namelijk: ontslagrecht, flexibele arbeid en WW-premie. De wijzigingen op een rij:

icoon proeftijd

Proeftijd

Voor vaste contracten zal de maximale proeftijd worden verlengd van twee naar vijf maanden. Met deze wijziging wil de wetgever werkgevers stimuleren om werknemers direct een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd aan te bieden.

Ketenregeling

De huidige periode van maximaal twee jaar wordt verlengd naar maximaal drie jaar. Werkgevers kunnen dan drie tijdelijke contracten binnen een periode van drie jaar aangaan met een werknemer.

Onderbreking tijdelijke
contracten

De onderbreking tussen tijdelijke contracten kan per cao worden verkort van zes naar drie maanden als sprake is van terugkerend tijdelijk werk dat maximaal negen maanden per jaar kan worden gedaan. In dat geval ontstaat al een nieuwe keten van tijdelijke contracten na een tussenliggende periode van drie maanden

Cumulatiegrond

Als een werkgever een arbeidsovereenkomst met een werknemer wil beëindigen, moet hij nu aan één van de acht ontslaggronden volledig voldoen. Nu wordt er een negende ontslaggrond toegevoegd: de cumulatiegrond.

Transitievergoeding

Werknemers hebben al vanaf de eerste dag van het dienstverband recht op een transitievergoeding. Deze bedraagt over de gehele duur van het dienstverband 1/3 maandsalaris per dienstjaar.

Oproepkrachten

Een werknemer is alleen verplicht te komen werken als een werkgever hem vier dagen van te voren oproept. Als binnen die periode de oproep weer wordt ingetrokken, behoudt de werknemer toch recht op loon over de oproep.

Payrolling

Werknemers die in dienst zijn bij een payrollbedrijf, krijgen dezelfde arbeidsvoorwaarden als werknemers die wel rechtstreeks in dienst zijn bij de opdrachtgever.

WW-premie

De WW-premie wordt voor werkgevers voordeliger als zij werknemers een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd aanbieden in plaats van een tijdelijk contract. Nu is de hoogte van de WW-premie afhankelijk van de sector waarin een bedrijf actief is.